Nachtelijk museumbezoek
Een keer per jaar hanteert het Nederlands Architectuur Instituut (NAI) wel heel speciale openingstijden. Tijdens de Rotterdamse Museumnacht zijn bezoekers welkom van acht uur ’s avonds tot twee uur ’s nachts. Medewerkers van Securitas zorgen ervoor dat het museumbezoek tijdens deze nachtelijke uurtjes soepel verloopt.
“Zo’n zevenduizend mensen bezoeken tijdens de Museumnacht het NAI”, vertelt Bert Leeuwangh, coördinator ontvangst van het in hartje Rotterdam gevestigde museum. “Dat is een behoorlijk hoog bezoekersaantal. We vinden het belangrijk dat alles dan ook soepel verloopt. Daarom maken we tijdens de Museumnacht gebruik van de diensten van Securitas.”
Grote stad
“Rotterdam is een grote stad met alle problemen van dien”, vertelt Leeuwangh. “Als je nachtelijke openingstijden hanteert, moet je rekening houden met de risico’s die dit met zich meebrengt. Uiteraard zijn wij, net als alle 37 deelnemende musea erop gebrand om tijdens de Museumnacht de veiligheid van de bezoekers, medewerkers en eigendommen te waarborgen. Daarom zetten we tijdens de Museumnacht niet alleen eigen medewerkers in, maar ook beveiligers.”
Bezoekers tellen
De medewerkers van Securitas controleren tijdens de Museumnacht of alle bezoekers van het NAI een geldig toegangsbewijs hebben. Leeuwangh: “Bezoekers hebben een passe-partout in de vorm van een button die zij zichtbaar dragen. Bij ons verstrekken de beveiligers nog een apart toegangsbewijs en tellen ze meteen de bezoekers bij de ingang en de uitgang. Zo weten we altijd hoeveel mensen zich in het pand bevinden.” Soms verstrekken de beveiligers ook vrijkaarten voor een volgend bezoek. Volgens Leeuwangh vervullen zij zo ook de rol van gastheer. “En dat doen de medewerkers van Securitas goed”, zegt hij. “We zijn jaar na jaar zeer tevreden.”
-
Print deze pagina
Print deze pagina
Om deze pagina af te drukken kies Bestand --> Afdrukken of Bestand --> Afdrukvoorbeeld
navigatie top menu
-
Verzend deze pagina
-
Deel deze pagina
Deel deze pagina
Deel deze pagina op Technorati, del.icio.us, digg en Facebook: